Over epilepsie

Angst en epilepsie

Iedereen voelt zich wel eens angstig in zijn of haar leven. Maar door je epilepsie kun je je angstiger gaan voelen. Een aanval komt bijna altijd onverwacht en dit kan je angstig en onzeker maken. Er bestaat onderzoek bij mensen met epilepsie waarbij de helft zegt angstgevoelens te ervaren. Wat is angst en wat kun je ertegen doen?

Angst

Wat is angst?

Als je bang bent of je bedreigd voelt, gaat je hart sneller kloppen en spannen je spieren zich. Je lichaam bereidt zich voor om tegen de dreiging te ‘vechten’ of ervoor weg te rennen, te ‘vluchten’. Hierdoor kun je je beschermen als dat nodig is. Angst is dus nuttig als waarschuwing voor gevaar en bescherming van jezelf.

Wanneer is angst een probleem?

Angst is een gevoel dat iedereen wel kent en meemaakt. Je kunt je bijvoorbeeld angstig voelen als je in gevaar bent of als je in een moeilijke situatie komt. Angst verdwijnt weer als je aan de situatie went of als de situatie verandert. Angst kan een probleem of stoornis worden als je je lange tijd angstig blijft voelen of als je angstig bent zonder duidelijke reden. Dan is het belangrijk om hulp te zoeken.

Wat gebeurt er bij angst?

We noemen een aantal uitingen (symptomen) van angst. Heb je een of meer van deze symptomen regelmatig en langer dan drie maanden? Dan kan angst de oorzaak zijn.

Geestelijke (psychologische) symptomen:

  • Rusteloos voelen.
  • Je vaak zorgen maken of piekeren.
  • Niet meer kunnen ontspannen.
  • Geen energie meer hebben.
  • Snel en vaak moe zijn.
  • Sneller in paniek raken in situaties waarin je dat eerder niet had.
  • Slecht slapen.
  • Somber of depressief voelen.
  • Een slechter geheugen hebben.
  • Minder goed kunnen concentreren.
  • Sneller geïrriteerd zijn.

Lichamelijke (fysieke) symptomen:

  • Veel en vaak zweten.
  • Een droge mond hebben.
  • Hartkloppingen hebben: een bonzende of onregelmatige hartslag.
  • Regelmatig hoofdpijn of pijn op de borst hebben.
  • Kortademig of misselijk voelen, of diarree of buikpijn krijgen.
  • Te snel ademen.
  • Handen voelen koud en klam aan of tintelingen in handen of voeten krijgen.

Angst en epilepsie

 Veel mensen voelen zich angstig als ze de diagnose van een ziekte krijgen. Dat is bij epilepsie niet anders. Maar bij epilepsie spelen nog meer zaken een rol die angst kunnen opwekken.

Bij epilepsie:

  • weet je bijna nooit wanneer je een aanval krijgt. Die onzekerheid maakt mensen vaak angstig;
  • kun je door de aanvallen niet altijd alles doen. Hierdoor kun je je angstig en buitengesloten voelen;
  • kun je je onzeker voelen door minder controle tijdens een aanval. Of je kunt je zorgen maken over wat anderen denken;
  • kun je angstig zijn voor een nieuwe aanval of je (overmatig) zorgen maken over wat er met je gebeurt door een aanval;
  • kunnen je medicijnen tegen epilepsie (anti-epileptica) angstgevoelens als bijwerking hebben;
  • kunnen epileptische aanvallen aangezien worden voor paniekaanvallen en omgekeerd.

Paniekaanvallen en epilepsie

Wat zijn paniekaanvallen?

Sommige mensen krijgen heel heftige plotselinge angstaanvallen. Deze aanvallen worden paniekaanvallen genoemd. Symptomen van paniekaanvallen zijn bijvoorbeeld gevoelens van plotselinge heftige angst, nervositeit, een snelle hartslag en ademhaling, het gevoel of de angst om dood te gaan, blozende huid, zweten, déjà vu. Déjà vu is het gevoel hebben dat iets al eens eerder gebeurd is.

Een juiste diagnose is belangrijk

De symptomen van paniekaanvallen kunnen lijken op sommige soorten epileptische aanvallen. Ook voor artsen kan het moeilijk zijn om het verschil te zien tussen een epileptische aanval en een paniekaanval. Daarom is het belangrijk dat je je aanvallen goed beschrijft. Alleen dan kan de neuroloog de juiste onderzoeken laten doen, de juiste diagnose stellen en de goede behandeling kiezen.

Lees meer over het beschrijven van je aanvallen.

Heb je twijfels over de diagnose?

Denk je dat je een verkeerde diagnose hebt gekregen? Vraag je huisarts of neuroloog je door te verwijzen naar een neuroloog bij een epilepsiecentrum.

Behandeling van angst bij epilepsie

Praat erover met je neuroloog

Voel je je angstig door je epilepsie? Bespreek dat met je neuroloog. Hij of zij kan je doorverwijzen naar een psycholoog of naar één van de psychologen van de epilepsiecentra. Een psycholoog onderzoekt wat de oorzaak is van je angst en kan je daarvoor behandelen. Ook kun je vaak hulp krijgen via een medisch maatschappelijk werker of een epilepsieverpleegkundige of -consulent. Voel je je angstig door je epilepsie en kom je niet meer bij een neuroloog? Bespreek het dan met je huisarts.

Wat kun je zelf doen?

Stoppen met je angstig voelen gaat meestal niet. Je kunt beter manieren zoeken om met je angst om te gaan. We geven een aantal tips. Ze werken het beste als je ze regelmatig doet:

  • Adem rustig: niet te diep of te snel. Doe een paar keer per dag ademhalingsoefeningen om je rustiger te voelen.
  • Schrijf situaties op waarin je je het meest angstig voelt. Bedenk er dan bij wat je een vorige keer hielp om ermee om te gaan.
  • Praat met andere mensen over je gevoelens. Elk sociaal contact kan je helpen om je zelfverzekerder en gewaardeerd te voelen.
  • Blijf niet te lang lopen met angst! Het kan vaak snel en goed behandeld worden door een psycholoog.
  • Focus op iets leuks dat je afleidt: muziek, een activiteit, ga naar buiten.
  • Plan elke dag kleine haalbare taken. En vraag je na iedere dag af hoe fijn het is dat je dat toch gedaan hebt!
  • Doe bijvoorbeeld ontspanningsoefeningen, yoga of mindfullness. Zorgverzekeraars bieden vaak wel apps met oefeningen aan. Je zou bijvoorbeeld de app met mindfullness oefeningen kunnen gebruiken van VGZ.

Medicijnen tegen angst

Je huisarts of een psychiater kan medicijnen tegen angst voorschrijven, zoals antidepressiva, benzodiazepinen of bètablokkers als een behandeling niet genoeg helpt. Als je ook anti-epileptica slikt, is het belangrijk dat je neuroloog of epilepsieverpleegkundige dit weet. Zo kunnen ze in de gaten houden of deze medicijnen goed samengaan met je anti-epileptica.

Meer weten?